Hester Bais heeft in haar werk helder uiteengezet hoe netwerkcorruptie en onderpandfraude kunnen functioneren binnen het financiële systeem. Haar analyse beschrijft een structuur waarin banken, toezichthouders, accountants, taxateurs en juridische adviseurs elkaar wederzijds bevestigen en beschermen. Binnen zo’n netwerk kunnen activa systematisch te hoog worden gewaardeerd, risico’s worden gemaskeerd en verliezen worden doorgeschoven.
Omdat iedere schakel afhankelijk is van de andere, ontstaat een prikkel om signalen van fraude of insolvabiliteit niet te escaleren. De façade van solvabiliteit blijft intact terwijl de werkelijke balanspositie verslechtert.
Volgens Bais wordt onderpandfraude vaak mogelijk gemaakt door opgeblazen taxaties en herwaarderingen die kredietverlening legitimeren. Banken verstrekken leningen op basis van zekerheden die bij liquidatie nooit de boekwaarde zouden halen.
Zodra marktomstandigheden verslechteren, blijkt dat het onderpand structureel onvoldoende dekking biedt. In plaats van directe afschrijving wordt herfinanciering gebruikt om verliezen te verbergen. Dit creëert een systeem waarin slechte leningen worden doorgerold en fictieve waarde in stand wordt gehouden.
De Oostenrijkse econoom Jesús Huerta de Soto levert in zijn monumentale werk Money, Bank Credit, and Economic Cycles een theoretisch fundament dat verklaart waarom zulke praktijken niet incidenteel zijn, maar systemisch.
Hij betoogt dat fractioneel reservebankieren banken in staat stelt krediet te creëren zonder volledige dekking door spaargeld. Hierdoor ontstaat een structurele expansie van krediet die niet gebaseerd is op reële besparingen. Volgens Huerta de Soto veroorzaakt deze kunstmatige kredietgroei verkeerde investeringssignalen, activabubbels en uiteindelijk economische cycli.
In dit kader wordt onderpandinflatie bijna onvermijdelijk. Wanneer krediet ruim beschikbaar is, stijgen activaprijzen, vooral in vastgoed en financiële instrumenten. Deze stijgende prijzen worden vervolgens gebruikt als rechtvaardiging voor nóg meer kredietverlening. Het onderpand lijkt sterker, maar de waardestijging is grotendeels het resultaat van de kredietexpansie zelf. Het systeem voedt zichzelf.
Huerta de Soto stelt dat de combinatie van centrale bankinterventie, impliciete staatsgaranties en bail-outverwachtingen moreel risico creëert. Banken nemen grotere risico’s omdat verliezen gesocialiseerd kunnen worden. Toezichthouders opereren vaak binnen hetzelfde institutionele kader en hebben prikkels om systeemstabiliteit te beschermen in plaats van insolventie bloot te leggen. Hierdoor kan netwerkcorruptie ontstaan zonder dat er expliciete samenzwering nodig is.
Waar Bais de praktische mechanismen blootlegt, levert Huerta de Soto de institutionele en monetaire verklaring. Samen tonen zij hoe een systeem van kredietcreatie, waarderingspraktijken en verweven belangen kan leiden tot fragiele financiële structuren waarin fictieve zekerheden echte welvaart vervangen.